Hoe Cannabis Door Ons Lichaam Wordt Opgenomen
- 1. Intraveneuze vs extravasculaire opname
- 2. Inter- en intra-individuele variabiliteit
- 2. a. Inter-individuele variabiliteit
- 2. b. Intra-individuele variabiliteit
- 3. Opname via inhalatie
- 4. Opname via de mond (orale route)
- 5. Opname via oromucosale en sublinguale route
- 6. Opname via de huid
- 7. Conclusie
Zoals je wellicht weet zijn er verschillende manieren om cannabis te consumeren, zoals via inhalatie, via de mond, via de oromucosale route en via de huid. De stoffen die verantwoordelijk zijn voor het ‘high’ gevoel werken echter pas als ze in je bloedbaan terechtkomen. Dit betekent dat afhankelijk van de manier waarop je cannabis gebruikt, het effect sterker kan zijn of langer kan duren voor je het merkt. Lees verder als je geïnteresseerd bent in de verschillen tussen de diverse manieren van cannabisconsumptie en hoe de cannabinoïden worden opgenomen.
1. Intraveneuze vs Extravasculaire Opname
Een wiet brownie in je mond lijkt misschien alsof de verbindingen al in je lichaam zijn, maar om effect te hebben moeten ze eerst in je bloedbaan komen, pas dan worden ze echt opgenomen. Opname verwijst dus naar de snelheid en de mate waarin stoffen als CBD en THC in de bloedbaan terechtkomen. Er zijn verschillende manieren waarop THC en CBD in de bloedbaan kunnen komen, dit worden toedieningsmethoden genoemd en ze kunnen zijn:
- Intraveneus (rechtstreeks in de aderen toegediend);
- Extravasculair (toediening buiten de aderen om).
Intraveneuze consumptie betekent dat de stoffen rechtstreeks in de aderen worden toegediend, zoals bij een injectie; Deze consumptiemethode wordt enkel bij wetenschappelijk onderzoek gebruikt voor een nauwkeurige dosering en wij raden deze methode absoluut niet aan. Extravascuaire consumptie daarentegen verwijst naar elke consumptiemethode die buiten de aderen om gebeurt, zoals het roken van een joint, het eten van edibles, of het gebruik van een topische crème. Dit zijn de meest gangbare methoden onder cannabisgebruikers.

Alle consumptiemethoden, zowel intraveneus als extravascualir, hebben hun voor- en nadelen. Het is belangrijk dat je ze kent om niet alleen hun effectiviteit te begrijpen, maar ook cannabis op een veilige manier te gebruiken. Zo wordt THC bijvoorbeeld bijna direct opgenomen na het roken van een joint, terwijl een edible wel een uur of langer nodig heeft voordat het effect merkbaar is, wat kan leiden tot een minder prettige ervaring. Lees verder en leer hoe cannabis wordt opgenomen en voorkom een slechte ervaring.
2. Inter- en Intra-individuele Variabiliteit
Naast de verschillen in consumptiemethoden hangt de opname van THC, CBD en andere cannabinoïden af van verschillende factoren die het effect kunnen beïnvloeden en zo een licht of compleet ander effect geven, zelfs als je dezelfde hoeveelheid cannabinoïden of hetzelfde product gebruikt. Voor de meeste recreatieve gebruikers is het niet zo belangrijk dat het effect telkens exact gelijk is, maar voor medische gebruikers die een chronische aandoening behandelen is dat wel essentieel. Toch kan het lastig zijn om telkens hetzelfde effect te ervaren, omdat het effect beïnvloed kan worden door:
- Geconsumeerde cannabinoïden;
- Toedieningswijze;
- Dosis;
- Of het samen met voedsel of andere stoffen wordt geconsumeerd;
- En de individuele kenmerken van een persoon.
Dit komt doordat iedereen verschillend reageert op een bepaalde stof. Om te begrijpen waarom dit gebeurt, is het essentieel te weten wat inter- en intra-individuele variabiliteit inhoudt.
Inter-individuele variabiliteit
Inter-individuele variabiliteit is het verschil in effecten tussen mensen, dit betekent dat dezelfde dosis van hetzelfde product voor jou kan werken maar voor iemand anders niet of zelfs giftig kan zijn. Het geldt niet alleen voor het effect, maar ook voor de effectiviteit, veiligheid en tolerantie voor een stof.
| Factoren die bijdragen aan inter-individuele variabiliteit | ||
|---|---|---|
| Leeftijd | Gewicht | Dieet |
| Geslacht | Ziektebeelden | Blootstelling aan chemicaliën in de omgeving |
Al deze factoren en meer dragen bij aan inter-individuele variabiliteit omdat:
Leeftijd
Je lichaam verandert naarmate je ouder wordt, ook je hersenen. Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat het volume, de dikte en de witte stof in je frontale kwab veranderen naarmate je ouder wordt. Dit kan ervoor zorgen dat een bepaalde stof anders werkt.
Geslacht
Recent onderzoek heeft aangetoond dat er sekseverschillen zijn in de effecten die je kunt ervaren bij het gebruik van cannabis. Gonadale hormonen spelen hierbij een cruciale rol, maar het komt ook door verschil in spiermassa en vetverdeling tussen mannen en vrouwen.
Gewicht
Ook je gewicht speelt een belangrijke rol bij inter-individuele variabiliteit, want cannabis kan een ander effect op je hebben afhankelijk van je gewicht, en de verhouding tussen spiermassa en vet.
Ziektebeelden
Ziekten beïnvloeden de variabiliteit omdat bepaalde ziekten je bloed, hersenen, longen of een ander orgaan dat te maken heeft met cannabisopname kunnen beïnvloeden. Zo heeft iemand met bloedarmoede bijvoorbeeld minder bloed dan iemand zonder, waardoor het percentage cannabinoïden in het bloed hoger is.
Blootstelling aan chemicaliën
Chemicaliën kunnen op veel manieren in het milieu terechtkomen en zich verspreiden via lucht, grond en water. Als je hiermee in contact komt, kunnen de effecten anders zijn dan bij iemand die daar niet aan is blootgesteld.

Intra-individuele variabiliteit
Intra-individuele variabiliteit verwijst naar de verschillende effecten die dezelfde persoon kan ervaren bij dezelfde dosis van dezelfde stof. Dit gebeurt omdat dezelfde stof niet altijd exact hetzelfde effect heeft, afhankelijk van factoren als:
| Factoren die bijdragen aan intra-individuele variabiliteit | |
|---|---|
| Geconsumeerd met voedsel of niet | Tijdstip van de dag |
| Je stemming | Of je hebt gesport of niet |
Al deze factoren en meer dragen bij aan intra-individuele variabiliteit omdat:
Geconsumeerd met voedsel of niet
Cannabis met of zonder voedsel consumeren kan het effect veranderen, omdat eten na het roken sommige effecten kan verminderen. De hoeveelheid suiker en vet in het eten kan bijdragen aan intra-individuele variabiliteit.
Je stemming
Je stemming beïnvloedt ook de intra-individuele variabiliteit omdat cannabis je gemoedstoestand versterkt. Ben je bijvoorbeeld blij en gebruik je cannabis, dan zul je je mogelijk nog blijer voelen zonder bijwerkingen, maar als je verdrietig bent, kun je je juist somberder gaan voelen en een minder fijne ervaring hebben.
Tijdstip van de dag
Het tijdstip beïnvloedt hoe het effect wordt ervaren, want bijvoorbeeld: Als je cannabis ’s ochtends gebruikt, ben je waarschijnlijk uitgerust en voel je je energieker dan wanneer je 's avonds gebruikt en waarschijnlijk al moe bent, waardoor je eerder gaat slapen of volledig ontspant.
Of je hebt gesport of niet
Sporten kan ook invloed hebben op het effect na cannabisgebruik omdat beweging je cardiovasculaire systeem efficiënter laat werken, waardoor cannabinoïden sneller hun receptoren bereiken.
Inter- en intra-individuele variabiliteit lijkt misschien niet heel belangrijk, maar het is essentieel om te begrijpen waarom effecten verschillen tussen personen, zodat je cannabis beter en verstandiger kunt gebruiken. Het effect verschilt dus afhankelijk van de toedieningsmethode (intraveneus of extravasculair) en de genoemde variabiliteit, maar er is nog een variabele. Afhankelijk van hoe je cannabis consumeert, bijvoorbeeld door te roken of een wietkoekje te eten, worden de cannabinoïden op een andere manier opgenomen, wat bijdraagt aan het variëren van de effecten.
Zoals je waarschijnlijk weet, zijn edibles meestal sterker dan het roken van een joint, maar duren langer voordat ze werken omdat de edible eerst verteerd moet worden en pas daarna komen de stoffen via de lever in de bloedbaan. Ondanks dat alle methoden ervoor zorgen dat je high wordt, werkt elke methode net iets anders. Hier vind je alle informatie over de verschillende opnamewegen.
3. Opname Via Inhalatie
Opname via inhalatie verwijst naar opname via de longen; wanneer geïnhaleerd, kunnen cannabisverbindingen als THC en CBD al binnen enkele minuten in het bloed worden gedetecteerd en worden de effecten meestal binnen 10 minuten gevoeld. Deze opname kent twee hoofdvormen: roken en verdampen.
Roken
Roken is de meest voorkomende toedieningsmethode voor cannabis en werkt erg snel dankzij de snelle afgifte van de cannabisverbindingen vanuit de longen naar de cannabinoïdereceptoren. De biologische beschikbaarheid van cannabinoïden na het roken wordt geschat tussen de 2% en 56%, met een gemiddelde van ongeveer 30%. Dit kan echter variëren afhankelijk van individuele factoren en inhalatievolume, duur en aantal trekjes.

Verdampen
Bij verdampen worden de cannabinoïden op dezelfde manier als bij roken opgenomen: via de longen in de bloedbaan. De biologische beschikbaarheid is vergelijkbaar met roken, maar gemiddeld iets hoger, namelijk tussen de 35-50%.
4. Opname Via de Mond (Orale Route)
Opname via de orale route verwijst naar edibleproducten of elke vorm van orale toediening die via de mond wordt doorgeslikt, vervolgens in het spijsverteringsstelsel terechtkomt en wordt opgenomen in de dunne darm. Een klein deel wordt mogelijk al in de mond opgenomen tijdens het kauwen, maar daarover is nog weinig bekend. Omdat het langer duurt voordat de stoffen via de mond bij de darm komen, duurt het veel langer voor je effect voelt dan bij inhalatie: het duurt zo'n 30-60 minuten voordat het in je bloed wordt aangetroffen en tot 2 uur voordat je het effect voelt.

Bovendien geven edibles een veel sterker effect omdat de lever THC niet alleen omzet naar Delta-9-THC, maar ook naar 11-OH-THC, een krachtiger cannabinoïde die makkelijker aan de receptoren bindt. Heb je nog nooit edibles geprobeerd, doe het dan rustig aan om een nare ervaring te voorkomen. In tegenstelling tot andere toedieningsmethoden is de biologische beschikbaarheid van cannabinoïden via de mond ongeveer 10-20%, wat betekent dat van alle cannabinoïden in een koekje je lichaam gemiddeld slechts 15% opneemt. Dit wordt echter gecompenseerd doordat THC wordt omgezet naar 11-OH-THC naast Delta-9-THC, terwijl bij andere methodes alleen tot Delta-9-THC wordt omgezet.
5. Opname Via Oromucosale en Sublinguale Route
Opname via oromucosale of sublinguale route betekent dat cannabisproducten worden opgenomen via het slijmvlies in de mond, zoals het tandvlees of de binnenkant van de wangen. Dit is dus iets anders dan orale toediening waarbij opname in de dunne darm plaatsvindt na doorslikken.

De sterkte, duur en het effect zullen iets verschillen wanneer je cannabinoïden via oromucosale of sublinguale route inneemt, omdat deze methoden snel en efficiënt worden opgenomen - vaak binnen enkele minuten of zelfs seconden, in tegenstelling tot edibles waarbij het uren kan duren voor je iets voelt. Hoewel het effect snel intreedt, is de biologische beschikbaarheid vrij laag: tussen de 3-19%, gemiddeld rond de 6%.
6. Opname Via de Huid
Opname van cannabinoïden via de huid kan op twee manieren: beide worden via de huid opgenomen, maar werken net iets anders. Dit zijn transdermale en topische opname.
Transdermale Opname
Transdermale toediening is gemakkelijker voor mensen die niet (of niet willen) roken of eten. Doordat de huid wordt gepasseerd, kunnen cannabinoïden direct in de bloedbaan terechtkomen zonder eerst door een orgaan te worden omgezet (gemetaboliseerd), waardoor je snel effect voelt, vaak binnen 10 minuten.
Nadeel is dat cannabinoïden lipofiel zijn, wat betekent dat ze makkelijker oplossen in vet. Zonder penetratieverbeteraar kan de opname slechts 5% zijn, maar met penetratieverbeteraars, voltage pulsen of ultrageluid kan dit stijgen tot 34-46%.

Dit komt omdat penetratieverbeteraars, voltage pulsen en ultrageluid de opname verhogen door de cannabinoïden te helpen beter te interageren met de vetten (lipiden) in de huid, waardoor het lichaam meer cannabinoïden opneemt dan zonder deze hulpmiddelen.
Topische Opname
Topische opname werkt vergelijkbaar met transdermale opname, maar bij deze methode dringen de cannabinoïden niet diep door en bereiken niet je bloedbaan. Ze hebben dus een lage biologische beschikbaarheid, gemiddeld rond de 13%.
Deze methode wordt voornamelijk gebruikt om symptomen in een specifiek deel van je lichaam te behandelen, omdat de cannabinoïden niet verder komen dan de huid. Ze werken alleen op de receptoren rondom het smeergebied, in tegenstelling tot bijvoorbeeld het roken van cannabis waarbij de longen de stoffen opnemen en je het effect door je hele lichaam voelt.
Nu je meer weet over de verschillende toedieningsmethoden en de biologische beschikbaarheid van cannabinoïden, kun je verschillende methoden proberen en je cannabisgebruik beter afstemmen op je wensen en behoeften. Denk eraan dat dit artikel bedoeld is als informatief overzicht, maar bespreek altijd je opties met een arts als je een medisch patiënt bent die nieuwe toedieningsmethoden wil proberen.
7. Conclusie
Verschillende opname-methoden hebben hun eigen voor- en nadelen, maar er is geen methode het beste; dat hangt af van jouw doel: recreatief gebruikers roken meestal graag een joint, terwijl medicinale patiënten soms niet kunnen roken of geen edibles kunnen nemen vanwege hun aandoening. Deze blog helpt je om de juiste toedieningsmethode voor jouw situatie te kiezen. Onthoud altijd dat je als medische cannabisgebruiker eerst je arts moet raadplegen omdat, zoals in de tekst genoemd, wat voor jou werkt misschien niet werkt voor een vriend of familielid. Professioneel advies is daarom belangrijk om te bepalen wat het beste in jouw geval werkt.
Externe Referenties
- Hoe belangrijk zijn de sekseverschillen in de werking van cannabinoïden? - Liana F. en Walter F.
- Een systematische review naar de farmacokinetiek van cannabidiol bij mensen - Sophie A. M., Nicole L. S., Andrew S. Y. en Saoirse E. O.
- Farmacokinetiek en metabolisme van delta 1-tetrahydrocannabinol en andere cannabinoïden met nadruk op de mens - S. Agurell, M. Halldin, J. E. Lindgren, A. Ohlsson, M. Widman, H. Gillespie, L. Hollister
Comments