Cannabisplant Anatomie: Van Zaden tot Toppen

11 November 2020
Alles over de anatomie van de plant die je graag kweekt!
11 November 2020
13 min read
Cannabisplant Anatomie: Van Zaden tot Toppen

Inhoud:
Meer informatie
  • 1. Anatomie van vrouwelijke vs mannelijke planten
  • 2. Zaden en zaailingen
  • 3. Wortels
  • 4. Handvormige bladeren
  • 5. Suikerblaadjes
  • 6. Voorbloeiende structuren
  • 7. Takken en stengels
  • 8. Knopen
  • 9. Bloemen (toppen)
  • 10. Stampers en stempels
  • 11. Schutbladeren
  • 12. Trichomen
  • 13. De levenscyclus van cannabisplanten
  • 13. a. De ontkiemingsfase
  • 13. b. De zaailing fase
  • 13. c. De vegetatieve fase
  • 13. d. De bloeifase
  • 14. Het verschil tussen autoflowering en fotoperiode planten
  • 15. Tot slot

Veel consumenten hebben wel eens een cannabisbloem (oftewel toppen) en misschien een blad gezien, maar nooit een mannelijke of vrouwelijke plant zien opgroeien vanaf zaad. Bij het kweken van cannabis is het essentieel om bekend te raken met de anatomie van een mannelijke en vrouwelijke cannabisplant om te weten wat ze nodig hebben en om problemen te voorkomen. Het is cruciaal dat je de delen van een cannabisplant kent, zoals wortels, knopen, kelken en trichomen om cannabiszaden te kunnen kweken en een gezonde tuin te onderhouden.

 

Sebastian Good legt de anatomie van cannabisplanten uit.

1. Anatomie van vrouwelijke vs mannelijke planten

Cannabisplanten zijn tweehuizig, wat betekent dat ze gescheiden geslachten hebben, dus de cannabisplanten kunnen mannelijk of vrouwelijk zijn. Bij cannabis produceert de vrouwelijke plant hoge gehaltes aan cannabinoïden en ontwikkelt bloemen (toppen), terwijl de mannelijke plant lage gehaltes produceert en stuifmeelzakken ontwikkelt.

 

Cannabisplant anatomie: vrouwelijk vs mannelijk

Vrouwelijke vs mannelijke cannabisbloemen.
  

Wanneer beide interacteren, bevrucht het mannelijke stuifmeel de vrouwelijke bloemen (de toppen), waardoor zaden ontstaan die gebruikt worden voor het veredelen en kweken van cannabis. Het is essentieel dat je weet welke plant je moet kweken om het gewenste resultaat te behalen. In dit artikel leggen we de belangrijkste verschillen uit en de anatomie van een cannabisplant.

Let op dat je ook een hermafrodiete cannabisplant kunt tegenkomen. Een hermafrodiete cannabisplant ontwikkelt zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsdelen, dus je ziet stuifmeelzakken en witte haartjes op dezelfde plant. Onthoud dat een hermafrodiete cannabisplant niet per se slecht is, maar als je toppen wilt kweken en geen zaden wilt maken, kun je beter wegblijven van een hermafrodiete plant.

2. Zaden en zaailingen

Een zaad is het eerste wat je nodig hebt om je eigen vrouwelijke cannabisplant te kweken. Een cannabiszaad heeft een harde buitenkant om het embryo te beschermen; dit embryo ontwikkelt zich tot een zaailing wanneer het ontkiemt, en uiteindelijk tot een volwassen plant. Bij de juiste temperatuur en vochtigheid zie je een zaailing (jonge plant) ontkiemen. Deze zaailing komt uit het medium met een klein paar groene afgeronde bladeren die kiembladeren (cotyledonen) worden genoemd.

 

Cannabisplant anatomie: zaad

De eerste dagen van een cannabisplant levenscyclus.
 

De kiembladeren bevatten al chlorofyl waardoor de kleine blaadjes aan fotosynthese kunnen doen, maar het is pas in het vroege vegetatieve stadium dat je het eerste paar gezaagde bladeren ziet ontwikkelen. Dan begint de plant energie en voedingsstoffen op te nemen en wordt deze gericht op de groei van loof en stelen.

3. Wortels

Na 3-5 dagen blootstelling van het zaad aan ontkiemingsomstandigheden, zie je een witte "staart" uit het zaad komen. Deze "staart" groeit snel langer en dikker zodra het zaad is geplant en zal uiteindelijk de penwortel van je plant worden, dit is de belangrijkste wortel waaruit wortelhaartjes ontspruiten.

 

Cannabisplant anatomie: wortels

Goed ontwikkeld wortelnetwerk van de plant.
 

Wanneer de penwortel een aanzienlijke lengte heeft bereikt, beginnen er verschillende zijdelingse wortels te groeien die samen een wortelnetwerk in de aarde vormen. Dit netwerk is verantwoordelijk voor het opnemen van water en voedingsstoffen die onmisbaar zijn voor de groei van je plant.

4. Handvormige bladeren

Nadat de kiembladeren zijn verschenen, worden ze blootgesteld aan zonlicht. Dit is belangrijk omdat de kiembladeren door fotosynthese zonlicht opnemen en energie produceren voor de groei van de plant. Na een paar dagen verschijnen de eerste gezaagde blaadjes, en naarmate de plant groeit, ontstaan grotere bladeren met steeds meer 'vingers', die kenmerkend zijn voor een cannabis handvormig blad.

 

Cannabisplant anatomie: handvormige bladeren

Verschil in de bladeren van cannabissoorten.
 

Afhankelijk van de genetica kan het loof vijf, zeven, negen of meer vingers hebben, maar ongeacht het aantal, gebruiken de handvormige bladeren zon, water en CO2 om de suikers te produceren die nodig zijn voor de groei.

Ook verschillen de bladeren afhankelijk van de genetica. Zo zijn de Indica-bladeren doorgaans breder met meer vingers, terwijl Sativabladeren juist smaller en langer zijn en vaak ook meer vingers bevatten. Er zijn ook autoflowers die starten met bladeren die lijken op die van Ruderalis. Het kan dus lastig zijn het verschil te zien, daarom vind je hieronder een tabel om je te helpen het onderscheid te maken.

 

Kennmerken van cannabisbladeren
Soort Bladkenmerken
Sativa plant Dunner met tot wel 13 "vingers".
Indica plant Dikke en brede bladeren met tot 9 "vingers".
Ruderalis plant Kort en compact, met 3-5 "vingers".

 

Deze suikers zijn de energiebron van een cannabisplant en zorgen voor de groei en alle biologische processen die nodig zijn. Houd er rekening mee dat, hoewel het loof deel uitmaakt van de plant, bladeren slechts lage concentraties cannabinoïden bevatten. Hun functie is vooral licht opnemen, water opslaan en de toppen te beschermen tegen zonnebrand, maar ze worden niet vaak gerookt.

5. Suikerblaadjes

Suikerblaadjes zijn gewone bladeren, maar in tegenstelling tot handvormige bladeren zijn ze kleiner en groeien ze meestal tussen de toppen van vrouwelijke planten. Dit loof kan soms trichomen bevatten, afhankelijk van de trichoomproductie van iedere specifieke strain.

 

Cannabisplant anatomie: suikerblaadjes

Suikerblaadjes zijn de harsrijke bladeren tussen de toppen.
  

Deze bladeren bevatten minder hars dan de toppen en worden meestal niet geconsumeerd, maar afhankelijk van de kwaliteit van de genetica kunnen deze bladeren gebruikt worden om edibles, oliën en extracten te maken.

6. Voorbloeiende structuren

De pre-seks structuren (die uiteindelijk de geslachtsorganen van de plant zullen worden) verschijnen op de internodiën in de voorbloei van de cannabisplant. Als jouw plant mannelijk blijkt te zijn, zie je kleine bolletjes verschijnen (de stuifmeelzakjes in het vroege stadium) waar uiteindelijk toppen zullen komen.

Deze stuifmeelzakjes zullen zich uiteindelijk ontwikkelen en openen, waarbij stuifmeel vrijkomt dat nodig is voor de productie van zaden. Zie je witte haren (stempels) in plaats van stuifmeelzakken, dan is je plant zeker vrouwelijk.

 

Cannabisplant anatomie: pre-seks

Hoe herken je het geslacht van je cannabisplant.
 

Als hobbykweker moet je je planten "sexen" (een stek onder 12/12 zetten om geslachtsorganen te zien) voordat ze volledig volwassen zijn. Zo voorkom je dat mannelijke planten de vrouwelijke bevruchten. Bedenk dat bevruchte bloemen zaden produceren, wat de hoeveelheid cannabinoïden en de uiteindelijke opbrengst van de plant vermindert.

Als je kweker of veredelaar bent of gewoon wilt experimenteren met het veredelen van cannabis, kun je een kweekruimte gebruiken waar je je planten in een gecontroleerde omgeving kunt bestuiven en kruisbestuiving voorkomt, want stuifmeel is extreem licht en kan zich verspreiden via je haar, kleding of de wind.

7. Takken en stengels

Zoals hierboven gezegd, nemen bladeren zonlicht op en met elke nieuwe groei krijgt je plant meer licht, waardoor de stengel en takken dikker worden en meer internodiën (en grotere internode-afstanden) ontwikkelen aan beide kanten van de stengel.

 

Cannabisplant anatomie: takken en stengels

Knopen, takken en de stam van een cannabisplant.
 

Het hoofdonderdeel van de cannabisplant anatomie is de stam. De stam biedt ondersteuning aan het loof, de takken en de vrouwelijke of mannelijke bloemen (geslachtsorganen, eigenlijk de hele plant). Binnenin de stam loopt een vaatbundelsysteem, bestaande uit het Xyleem en Floëem. Het Xyleem transporteert water en voedingsstoffen opgelost in water, terwijl Floëem verantwoordelijk is voor het transport van sugars, proteïnen en andere organische moleculen in planten.

Soms kunnen planten mutaties ontwikkelen. Deze mutaties zijn genetisch van aard en kunnen niet worden opgelost; hoewel sommige mutaties kunnen leiden tot vreemde groei zoals onregelmatige vertakkingen en bladgroei, kunnen ze nog steeds goede kwaliteit toppen produceren, ook al kan de opbrengst soms beïnvloed worden.

8. Knopen

Knopen zijn de plekken waar de takken vertakken vanaf de stam. In het vegetatief stadium van een cannabisplant liggen deze parallel tegenover elkaar, maar wanneer je plant gaat bloeien, kan de vorm van de knopen onregelmatiger worden. Dit is geen probleem, maar kenmerkend voor sommige strains en kan juist helpen bij het identificeren van het soort plant.

 

Cannabisplant anatomie: knopen

De knopen van een cannabisplant.
 

Bedenk dat de meeste cannabissoorten tegenwoordig hybriden zijn (combinaties van Indica- en Sativa-genetica), dus deze regel klopt niet altijd 100%. Meestal hebben Indicas knopen die dichter bij elkaar liggen, terwijl bij Sativa de knopen vaak verder uit elkaar staan.

Deze knopen zijn essentieel, want dit is waar de toppen of stuifmeelzakken zich gaan ontwikkelen en waar de eerste tekenen van het geslacht van je plant zichtbaar worden.

9. Bloemen (toppen)

De toppen (bloemen) zijn het belangrijkste deel voor kwekers, maar ook voor de cannabisplant zelf; ze spelen een rol bij het aantrekken van bestuivers en het produceren van zaden (na bevruchting) om de soort voort te zetten. Tegenwoordig zijn er feminized zaden beschikbaar, wat betekent dat de zaden voor 100% vrouwelijke planten zorgen, maar in de natuur zijn cannabisplanten tweehuizig en dus mannelijk of vrouwelijk, zoals eerder vermeld.

 

Cannabisplant anatomie: bloemen

Hoofdtop van een cannabisplant in volle bloei.
 

Het voorbloei stadium is belangrijk om het verschil tussen een mannelijke en vrouwelijke plant te bepalen, want dan toont de plant haar eerste geslachtskenmerken. De bloemen (of toppen) die zich ontwikkelen aan de bovenkant van de stam worden de hoofdtop of "cola" genoemd. Meestal heeft een plant één hoofdtop, maar kwekers hebben verschillende methoden bedacht om meerdere hoofdtoppen te creëren met trainingstechnieken (zoals LST en HST) die helpen om de opbrengst te verhogen.

De hoofdtop wordt ook wel apicale top genoemd, en daar komen de meeste toppen samen om de hoofdtop te vormen. Je zult ook kleine trossen bloemen tussen het loof zien bij de internodiën, maar vergeleken met de hoofdtop zijn de zij-toppen kleiner. Daarom gebruiken kwekers zowel LST als HST.

 

Cannabisplant anatomie: lst

Takken vastbinden is een techniek van LST.
 

Deze twee plantentrainingstechnieken veranderen de structuur van de plant door de bloeiplekken meer licht en luchtstroom te geven, zodat de toppen groter worden en van betere kwaliteit zijn.

Er is een duidelijk verschil tussen vrouwelijke en mannelijke bloemen. Mannelijke planten ontwikkelen hun bloemen doorgaans 2-3 weken eerder dan vrouwelijke. Zoals eerder besproken ontwikkelen ze geen toppen, maar vormen ze trossen van stuifmeelzakken.

10. Stampers en stempels

De stampers en stempels zijn de reproductieve delen van de vrouwelijke bloemen. De meeste cannabisliefhebbers kennen de stempels als stampers, maar dat klopt niet: de stampers zijn het deel waaruit de stempels (witte haren) groeien. Deze haarachtige delen zijn verantwoordelijk voor het opvangen van stuifmeel van mannelijke planten en het produceren van zaden.

 

Cannabisplant anatomie: stampers en stempels

Stampers en stempels op een prachtige paarse top.
 

Wanneer een cannabisplant volledig volwassen is, kunnen de stempels van kleur veranderen, meestal beginnend met een witte kleur, dan geel, oranje of rood en uiteindelijk bruin. Houd er rekening mee dat de stempels geen invloed hebben op de potentie of smaak, omdat ze geen cannabinoïden bevatten en geen trichomen hebben, ze beïnvloeden dus niet de kwaliteit en werking van de toppen.

11. Schutbladeren

De schutbladeren, die vaak ten onrechte kelken genoemd worden, vormen eigenlijk de toppen op een cannabisplant. Het zijn peer-vormige knobbeltjes die zich ontwikkelen tussen de suikerblaadjes. Afhankelijk van de strain kunnen ze in verschillende kleuren, vormen en formaten voorkomen.

 

Cannabisplant anatomie: schutbladeren

De anatomie van cannabis schutbladeren.
 

Wanneer de stempels bestoven worden, veranderen de schutbladeren feitelijk in een ovarium (zaadincubator) waardoor zaden kunnen groeien en rijpen, maar dit beïnvloedt de opbrengst en in sommige gevallen de hoeveelheid hars op je toppen. Daarom zijn "sinsemilla" of feminized zaden geliefd bij kwekers en consumenten.

Een niet-bestrooide bloem zit vaak vol met trichomen omdat je oogst dan rijker is aan trichomen, die verantwoordelijk zijn voor de productie en opslag van terpenen en cannabinoïden.

12. Trichomen

Trichomen zijn de kleine kristallen die overal op de toppen en het omliggende loof te vinden zijn en worden door cannabisliefhebbers als het belangrijkste deel gezien. Deze paddenstoelvormige kliertjes zijn helder, kleverig en vormen een dikke laag op de toppen. Deze paddenstoelvormige kliertjes, trichomen genaamd, bestaan in verschillende typen en groottes, namelijk:

 

  • Capitate steeltrichomen 100 µm;
  • Cystholithische trichomen 50 µm;
  • Unicellulaire niet-kliertrichomen 20 µm;
  • Capitate zittende trichomen 20 µm;
  • Complexe boltrichomen 10 µm; en
  • Eenvoudige boltrichomen 10 µm;

 

Alle "recreatieve strains" zijn THC-rijk. Afhankelijk van de strain kan de trichoomproductie verschillen, wat resulteert in meer of minder trichomen op je planten, maar alle cannabisplanten maken sowieso trichomen aan.

 

Cannabisplant anatomie: trichomen

De verschillende soorten trichomen op cannabisplanten.
 

Voor thuis kwekers zijn trichomen de standaard om te bepalen wanneer te oogsten, maar in de natuur zorgen de door de cannabisplant geproduceerde stoffen, zoals terpenen, ook voor verdediging, bijvoorbeeld doordat de geur afschrikt. Bovendien beschermen de plakkerige trichomen de toppen tegen insecten en UV-licht. Hoewel we hier bij binnenkweek minder bij stil staan, hebben alle delen van een cannabisplant een essentiële rol als de plant in de natuur groeit.

13. De Levenscyclus van Cannabisplanten

Nu je alles weet over de anatomie van cannabisplanten, laten we wat dieper ingaan op de levenscyclus van cannabisplanten. Cannabisplanten kunnen 8 tot 32 weken nodig hebben om te groeien en te rijpen en doorlopen in deze tijd vier fasen:

Het is essentieel deze stadia te begrijpen om gezonde planten te kweken, omdat elke fase een andere lichtspectrum, lichtschema, voedingsstoffen en kweekomstandigheden vereist.

De Ontkiemingsfase

Zoals bij elke andere plant begint ook cannabis uit zaden. Cannabiszaden zijn inactief tot ze aan warmte en vocht worden blootgesteld. Dit betekent dat als je cannabiszaden of andere zaden wilt ontkiemen, je ze moet hydrateren en onder de juiste omstandigheden moet plaatsen.

Nadat ze zijn geplant, kunnen zaden binnen 3 tot 10 dagen ontkiemen en zaden bevatten genoeg voeding voor 2-3 weken, wat betekent dat je geen voedingsoplossing hoeft te gebruiken totdat de zaailing uit de grond is gekomen. Zodra de zaailing boven de grond verschijnt, zie je twee kleine ronde blaadjes genaamd kiembladeren. Dit vormt het begin van de zaailing fase.

De Zaailing Fase

De zaailing fase van cannabisplanten duurt 1-3 weken (en soms langer, afhankelijk van de strain en kweekomstandigheden). Tijdens de zaailing fase concentreert de plant zich op het ontwikkelen van wortels en bladeren. Dit betekent dat de wortels nog klein en kwetsbaar zijn, dus pas op dat je niet overvoedt of overmatig water geeft.

 

Cannabisplant anatomie: zaailingfase

cannabis zaailingen.
 

Zorg in de zaailing fase voor 18 uur licht en 6 uur duisternis per dag en houd ze goed in de gaten want ze zijn extreem vatbaar voor plagen en ziekten.

De Vegetatieve Fase

Na enkele weken in de vegetatieve fase gaan je planten meer voeding, licht en water nodig hebben, omdat zowel het wortelgestel als het loof exponentieel beginnen te groeien. Tijdens de vegetatieve fase moet je je plant voorzien van meer stikstof en minder fosfor en kalium, want stikstof is belangrijk voor de groei van bladeren. Kweek je binnen, dan is de hoofdregel om over te schakelen naar 12/12 (wat de bloei in gang zet) zodra de plant ⅓ tot ½ van de uiteindelijke gewenste hoogte bereikt heeft.

De Bloeifase

Zodra je overschakelt naar 12/12 licht (of wanneer het buiten herfst wordt), begint je plant te bloeien. De bloeifase duurt 6 tot 10 weken of langer, afhankelijk van de strain. In deze periode verschijnen de eerste voorbloemen die uiteindelijk dikker worden en veranderen in de heerlijke plakkerige toppen waar je zo lang op hebt gewacht. Uiteraard is dit slechts een globale uitleg en zijn er veel factoren om rekening mee te houden, maar het begrijpen van de levenscyclus en anatomie van cannabisplanten helpt je om problemen voor te zijn.

14. Het Verschil Tussen Autoflowering en Fotoperiode Planten

Zo, nu weet je alles over de levenscyclus van een cannabisplant... of toch niet? Wat we hierboven beschreven geldt voor fotoperiode strains, maar er is een nieuwe speler op het veld: Autoflowers! Ooit werden ze gezien (en met reden) als het kneusje met een kleinere opbrengst en lagere potentie dan hun fotoperiode tegenhangers - maar vandaag de dag kunnen autoflowering strains trots naast hun grote zussen staan.

Dankzij het harde werk en de toewijding van een select aantal breeders in de afgelopen decennia, zijn autoflowers nu zover dat ze fotoperiode strains kunnen evenaren (en soms zelfs overtreffen) op alle belangrijke punten. Denk aan opbrengst, potentiesterkte van de toppen, en productie van terpenen en flavonoïden.

En ze bieden enorme voordelen ten opzichte van fotoperiode strains, zowel voor beginnende als ervaren kwekers. Enkele voordelen zijn:

  • Snellere doorlooptijd - Sommige autoflowering planten kunnen van zaad tot oogst in ongeveer 8 weken gaan (de meeste strains doen er minder dan 10 à 11 weken over – razendsnel), terwijl fotoperiode strains minstens dubbel zo lang nodig hebben, vooral Sativa-dominante soorten.
  • Makkelijker te kweken - Autoflowers hebben minder aandacht en zorg nodig dan hun fotoperiode tegenhangers. Dit zijn planten die je bijna kunt planten en vergeten.
  • Veelzijdigheid - Autoflowers zijn ongelooflijk veelzijdig en kunnen in vrijwel elke omgeving en onder verschillende omstandigheden gekweekt worden. Ze hebben geen perfect klimaat nodig zoals fotoperiode planten, en gedijen vaak zelfs in minder ideale omstandigheden. Dit danken ze aan hun Ruderalis achtergrond, afkomstig uit het barre noorden van Europa.
  • Discretie - Autoflowers blijven vaak kleiner en compacter dan fotoperiode planten en zijn daardoor makkelijker te verbergen.
  • Sterk en weerbaar - Autoflowers zijn over het algemeen beter bestand tegen plagen, schimmel en andere ziekten vergeleken met fotoperiode strains.

 

Meer oogsten per jaar – Autoflowers kunnen meerdere keren per jaar geoogst worden, omdat ze niet afhankelijk zijn van de seizoenen voor hun bloeicyclus. Als je buiten kweekt, kun je meestal twee oogsten binnen dezelfde periode realiseren als één fotoperiode-cyclus. Kweek je binnen, dan is het opzetten van een eeuwigdurende oogstroutine (waarbij je steeds planten in verschillende stadia in dezelfde ruimte hebt) heel eenvoudig met autoflowers, omdat alle planten onder hetzelfde lichtschema kunnen groeien. Hierover verderop meer.

Maar hoe verschillen autoflowering en fotoperiode strains in levenscyclus?

Het antwoord zit al in de naam: in tegenstelling tot fotoperiode soorten, waarvan het groeistadium afhankelijk is van de lichtperiode, hebben autoflowering strains een ingebouwde genetische timer waardoor ze vanzelf overschakelen van groei naar bloei – onafhankelijk van het lichtschema. Dit biedt een groot aantal voordelen, zowel voor binnen- als buitenkwekers.

Het ideale lichtschema voor autoflowers

Om fotoperiode strains te laten bloeien, moet je het lichtschema veranderen van 18 uur aan/6 uur uit per dag naar 12/12. Simpel, maar daarvoor heb je bij binnenkweek een aparte ruimte voor groei en bloei nodig. Bij autoflowers is dat niet nodig! Zoals eerder aangehaald, zullen autoflowering planten gewoon bloeien ongeacht het lichtschema, zolang ze maar voldoende licht krijgen. Dit betekent dat je autoflowers onder zowel 24/0, 20/4 als 18/6 van zaad tot oogst kunt laten staan. Jij kiest!

Na jaren van testen, raden we voor het beste resultaat 20/4 of 18/6 aan. Autoflowers groeien ook onder 24/0, maar het ontbreken van rustperiodes kan afhankelijke van de strain wat stress opleveren. Een flexibeler lichtschema maakt het kweken makkelijker én biedt nog een voordeel...

Een eeuwigdurende oogstroutine met autoflowering strains

Wat willen we allemaal als kweker? Er zijn meerdere juiste antwoorden op deze vraag, maar het meest genoemd: een onafgebroken voorraad van topkwaliteit toppen. En hoe zorg je daarvoor? Door een eeuwigdurende oogstroutine!

Dat kan ook met fotoperiode strains (door aparte vegetatie- en bloeiruimtes), maar het is super eenvoudig met autoflowers. Omdat autoflowering strains onafhankelijk van het lichtschema in bloei gaan, kun je al je planten in één ruimte kweken. Zaai elke week of twee nieuwe autoflowers in de ruimte (houd ongeveer 3-4 weken tussen de groepen aan) en je hebt continu nieuwe toppen om te oogsten en nieuwe planten om te starten. Perfect! Deel je kweekruimte op in een deel voor groei, en een deel voor bloei.

 

Zo kun je een bloeiende auto oogsten en vervangen door een groeiende auto uit het groeigedeelte. Gebruik voor de bloeiperiode een ScrOG-systeem om het gehele bladerdek op gelijke hoogte te houden – zo krijg je een gelijkmatige oogst. Maar wat doet dit met je opbrengst? Verlaagt een eeuwigdurende cyclus de totale oogst? Nee – zolang je iedere strain genoeg tijd geeft om maximaal uit te groeien qua formaat én THC/CBD-gehalte, kun je dezelfde opbrengsten behalen met een autoflowering oogst. En de zaailingen? 

Die kun je in dezelfde ruimte zetten, maar wij raden het af. Het groeilicht is vaak te fel voor zaailingen; het is beter om ze langzaam te laten wennen in een warmere, vochtigere ruimte. Begin met je zaden in een warme kamer met zacht licht en een temperatuur tussen 22 en 28°C. Als ze een sterk wortelgestel vormen en het eerste echte blad zien, mogen ze naar de grote kweekruimte.

15. Tot slot

Cannabisplanten zijn oeroude planten die hun structuur door de eeuwen heen hebben ontwikkeld en verfijnd. Ook als we dat niet direct zo zien, zijn alle delen van een cannabisplant (en niet alleen de geslachtsorganen) essentieel om te kunnen groeien en de soort in stand te houden. Deel gerust tips en belangrijke info met mede-kwekers: laat je reactie hieronder achter!

 

 

Externe bronnen:

  1. Morpho-Anatomy of Marijuana (Cannabis sativa L.). - Raman, Vijayasankar & Lata, Hemant & Chandra, Suman & Khan, Ikhlas & Elsohly, Mahmoud. (2017).
  2. Understanding Cannabis. - Hunt, Debra & Keefe, Joanne & Whitehead, Tammy & Littlefield, Amber. (2020). 


Comments

New Comment
Nog geen reacties